![]() |
Voorgeschiedenis |
Samenstelling commissie |
![]() |
| Bert Bakker (voorzitter) (D66) | |
| Prominente D66'er die van alle markten thuis was. Hield zich in de twaalf jaar waarin hij Tweede-Kamerlid was bezig met onder meer financiën, sociale zekerheid, de zorg, buitenlands beleid, defensie, media en economische zaken. Leidde bekwaam de commissie die onderzoek deed naar de uitzending van Nederlandse militairen op vredesmissies en was voorzitter van de enquëtecommissie Srebrenica. Was, gevraagd en ongevraagd, altijd bereid de pers te woord staan en zette dan op heldere wijze de standpunten van zijn partij uiteen. Voor hij Kamerlid werd hoofd voorlichting van de Sociaal-Economische Raad. Verloor in 2006 zijn zetel, omdat Fatma Koser Kaya met voorkeurstemmen werd gekozen. |
![]() |
| Peter Rehwinkel (ondervoorzitter) (PvdA) | |
| Peter Rehwinkel (1964) is sinds 12 juni 2007 lid van de PvdA-fractie in de Eerste Kamer. Hij is sinds 2004 burgemeester van Naarden. Daarvoor was de heer Rehwinkel medewerker staatsrecht aan de Rijksuniversiteit Groningen, secretaris van minister Ritzen, stafmedewerker van het wetenschappelijk bureau van de PvdA en, in de periode 1995-2002, Tweede-Kamerlid. |
![]() |
| Agnes van Ardenne-van der Hoeven (CDA) | |
| Agnes van Ardenne (1950) was Tweede-Kamerlid in de periode 1994-2002 en enige maanden in 2003. Daarvoor was zij wethouder in Vlaardingen en voorzitter van het CDA-vrouwenberaad. In de Kamer hield mevrouw Van Ardenne zich bezig met defensie, buitenlandse zaken en landbouw en visserij. Na haar Kamerlidmaatschap werd zij staatssecretaris van Buitenlandse Zaken belast met ontwikkelingssamenwerking in het kabinet-Balkenende I. In het kabinet-Balkenende II werd zij minister voor Ontwikkelingssamenwerking. |
![]() |
| Eric Balemans (VVD) | |
| Beminnelijke Limburger die in 1998 op 26-jarige leeftijd Tweede-Kamerlid voor de VVD werd en dat (met een onderbreking) tot eind 2006 bleef. Vervulde vele functies bij de JOVD en was daarvan secretaris en voorzitter. Was voor hij in de Kamer kwam consulent voor defensie en buitenlands beleid van het IFPA (Institute for Foreign Policy Analysis) en hield zich aanvankelijk onder meer met defensie (met name personeel) bezig. Daarnaast sprak hij vaak bij de behandeling van herindelingsvoorstellen en over het grotestedenbeleid. In 2005 werd hij onderwijswoordvoerder. |
![]() |
| Harry van Bommel (SP) | |
| Harry van Bommel (1962) is sinds 19 mei 1998 lid van de Tweede-Kamerfractie van de SP. Hij woont in Diemen. De heer Van Bommel was docent Nederlands en Engels en beleidsmedewerker van de SP-fractie in de Tweede Kamer. Daarnaast was hij gemeenteraadslid van Amsterdam. In de Kamer houdt hij zich bezig met buitenlandse Zaken en Europese zaken. De heer Van Bommel is ondervoorzitter van de vaste commissie voor Europese Zaken. |
![]() |
| Ab Harrewijn (GroenLinks) | |
| Sociaal voelende predikant die via de CPN bij GroenLinks terecht kwam, waarvoor hij vier jaar Kamerlid was. Was werkzaam als industriepredikant. Zette zich met gedrevenheid in voor mensen aan de 'onderkant' van de samenleving, zoals daklozen, verslaafden, bijstandsgerechtigden en werklozen. Door die authentieke betrokkenheid ook buiten eigen kring gewaardeerd. Overleed op betrekkelijk jonge leeftijd kort voor de verkiezingen van 2002, waarbij hij nog kandidaat was. |
![]() |
| Gert Schutte (GPV) | |
| Alom gerespecteerd Tweede-Kamerlid voor het GPV. Stond bekend als het 'staatsrechtelijke geweten van de Kamer', een benaming die volgens hem echter aangaf dat anderen op dat punt tekort schoten. Kwam in 1981 als eenling in de Kamer, na eerder bij diverse gemeenten te hebben gewerkt, laatstelijk als plaatsvervangend gemeentesecretaris van Zeist. Is nu lid van de Kiesraad en leidde in 2003/2004 een onderzoek naar fraude in het HBO. |
Onderzoeksvragen en werkwijze |
| - | het initiatief en de motieven voor deelname aan vredesmissies: wie nam het initiatief voor de Nederlandse deelname? |
| - | Criteria voor de Nederlandse deelname: was er een toetsingskader (het Nederlandse belang, het belang voor de internationale rechtsorde, solidariteit, draagvlak, haalbaarheid van de doelstellingen, eventuele risico's, financiering) |
| - | De informatievoorziening ten behoeve van de politieke besluitvorming (onder andere was de vraag wanneer het parlement werd geïnformeerd) |
| - | Invloed van de publieke opinie, media op de politieke besluitvorming |
| - | Analyse van de risico's |
| - | Evaluatie van de operaties (werd de Kamer daarvan op de hoogte gesteld?) |
| - | onderzoek van Kamerstukken |
| - | dossieronderzoek |
| - | (aanvullend) literatuuronderzoek |
| - | informele en vertrouwelijke voorgesprekken |
| - | openbare hoorzittingen |
Verslag en conclusies |
| - | Het moet voor alle betrokkenen duidelijk zijn op welk moment de Kamer instemt met uitzending |
| - | De regering moet de motieven om deel te nemen aan een vredesoperatie zo uitvoerig mogelijk aan de Kamer opsommen. Hetzelfde geldt voor motieven bij voortzetting of afronding Nederlandse deelname aan een operatie. |
| - | De regering moet duidelijk aangegeven hoe het initiatief voor deelname tot stand is gekomen. |
| - | De criteria voor deelname moeten helder zijn. |
| - | Bij wijziging van mandaat, taken of locatie moet een nieuwe afweging worden gemaakt. |
| - | Ook voortzetting of afronding moet aan duidelijke criteria worden getoetst. |
| - | Criteria kunnen per vredesoperaties een verschillend gewicht krijgen. |
| - | Er moeten betere afspraken komen over onderlinge informatievoorziening tussen de ministeries van Buitenlandse Zaken en Defensie. |
| - | De Tweede Kamer moet tijdiger geïnformeerd worden. Er moet daarvoor een procedure worden afgesproken tussen regering en parlement. Het informeren moet zo veel mogelijk in de openbaarheid te gebeuren. |
| - | De Kamer moet vaker gebruikmaken van de mogelijkheid om ambtenaren en militairen te horen over vredesoperaties. |
| - | De Kamer moet de beschikking krijgen over alle relevante documenten |
| - | Bij de informatievoorziening aan de Kamer moet extra aandacht worden besteed aan eventuele risico's, zowel voor de gehele vredesoperatie als voor de Nederlandse eenheden. |
| - | Er moet duidelijkheid zijn over eventuele evacuatie. |
| - | Bij de bewapening moet ook worden gelet op verslechtering van de veiligheidssituatie. |
| - | Er moet in de krijgsmacht een eenduidige procedure komen voor evaluatie (debriefing) en voor het verwerken in volgende operaties van opgedane ervaringen. |
| - | De evaluatie moet zo spoedig mogelijk aan de Tweede Kamer worden aangeboden. |
| - | De evaluaties moeten openbaar zijn. |
Kamerdebat en vervolg |
| Meer over de parlementaire enquête Srebrenica |
| Voorgeschiedenis |
||
| Samenstelling commissie |
||
| Onderzoeksvragen en werkwijze |
||
| Verslag en conclusies |
||
| Kamerdebat en vervolg |
||