In de Eerste Kamer zijn alle fracties vertegenwoordigd in de commissies. De Kamervoorzitter benoemt de (plaatsvervangende) commissieleden. Hij overlegt daarbij met de fracties in de Kamer.
Er zijn vaste en bijzondere commissies. Daarnaast is er een Huishoudelijke Commissie, die alleen gericht is op de interne organisatie.
Iedere commissie wordt bijgestaan door een griffier.
Vaste commissie hebben het beleidsterrein van een bepaald ministerie of een onderdeel van dat beleid als werkgebied. Zo is er voor elk ministerie tenminste één vaste commissie.
De voornaamste taak van een commissie is wetsvoorstellen aan een voorbereidend onderzoek te onderwerpen door middel van het wisselen van schriftelijke stukken met de verantwoordelijke bewindslieden
De commissie kan mondeling overleggen met een bewindspersoon. In de praktijk van de Eerste Kamer komt dat evenwel zelden voor.
De Eerste Kamer kent bijzondere commissies die worden belast met de voorbereiding van wetsvoorstellen en onderwerpen met een bijzonder karakter.
Momenteel zijn er bijzondere commissies voor de herziening van het Nieuw Burgerlijk Wetboek en voor de JBZ-raad. Deze laatste commissie behandelt onderwerpen die aan de orde komen in de Europese Raad van ministers van Justitie en Binnenlandse Zaken.
De Kamervoorzitter en de ondervoorzitters vormen samen de Huishoudelijke commissie. Zij stelt de ambtenaren van de Kamer aan, behalve de griffier en plaatsvervangende griffiers. De Huishoudelijke commissie bepaalt wel de taken en instructies van de (plaatsvervangende) griffiers. De commissie houdt ook toezicht op de leidinggevende taak van de griffier over de ambtelijke organisatie.
Tot slot stelt de Huishoudelijke commissie de begroting op voor de uitgaven van de Eerste Kamer (de zogenaamde 'raming').