Kabinetten |
| Kabinet-Beel II (1958-1959) | |
| Het kabinet is een overgangskabinet met als voornaamste taak de Tweede Kamer te ontbinden en Tweede-Kamerverkiezingen uit te schrijven. Het bestaat uit ministers van de KVP, ARP en CHU. De ministersposten die na het vertrek van de PvdA-ministers zijn ontstaan, worden tijdelijk door zittende ministers waargenomen. Alleen minister-president Beel (KVP) is als nieuwe minister opgetreden. | |
| Kabinet-De Quay (1959-1963) | |
| Het eerste naoorlogse kabinet zonder socialisten. Nieuw-Guinea beheerst tijdens deze kabinetsperiode lange tijd de politieke agenda. Op het gebied van binnenlands beleid wordt de 'geleide loonpolitiek' verlaten. Het kabinet bestaat uit ministers van de KVP, VVD, ARP en CHU. Minister-president De Quay is afkomstig uit de KVP. | |
| Kabinet-Marijnen (1963-1965) | |
| Het kabinet-Marijnen wordt gesteund door de zelfde partijen als het kabinet-De Quay en is als een voortzetting daarvan te beschouwen. Hoogconjunctuur door onder meer aardgasvondsten begunstigen het financieel-economische beleid. Er is krapte op de arbeidsmarkt, waardoor de lonen gaan stijgen. | |
| Kabinet-Cals (1965-1966) | |
| Dit kabinet is het eerste sinds zes jaar mét de PvdA. Het staat bekend als 'kabinet van sterke mannen' en heeft veel ambities. Het tussentijds opgetreden kabinet verwacht na de verkiezingen van 1967 nog vier jaar te kunnen doorregeren, maar komt in de roemruchte Nacht van Schmelzer voortijdig ten val. |
Kabinetscrises |
| 1960: bouwcrisis | |
| Op 23 december 1960 kwam het kabinet-De Quay ten val, nadat de Tweede-Kamer een motie-Van Eibergen had aangenomen, waarin om de bouw van 50.000 extra woningwetwoningen werd gevraagd. Minister Van Aartsen had aanneming van deze door zijn partijgenoot ingediende motie ontraden. | |
| 1965: omroepcrisis | |
| Op 27 februari 1965 kwam er een voortijdig einde aan het in 1963 gevormde kabinet-Marijnen. De exacte redenen voor de val bleven duister, maar duidelijk was wel dat het kabinet geen overeenstemming had kunnen bereiken over het omroepbeleid. | |
| 1966: Nacht van Schmelzer | |
| Het slot van de algemene beschouwingen over de begroting voor 1967 in de nacht van 13 op 14 oktober 1966 staat bekend als de Nacht van Schmelzer. Het debat eindigde namelijk met de aanneming van een door KVP-fractievoorzitter Schmelzer ingediende motie, die door het kabinet-Cals als motie van wantrouwen werd uitgelegd en die leidde tot zijn val. |
Tweede-Kamerverkiezingen |
| 1959 | |
| Omdat de PvdA bij deze vervroegde verkiezingen twee zetels verloor, werd de KVP met 49 zetels de grootste partij. Grote winnaar was echter de VVD van Oud, die zes zetels won, op 19 kwam en de ARP als derde partij voorbij streefde. | |
| 1963 | |
| De komst, met drie zetels, van de Boerenpartij, het verlies van de PvdA (van 48 naar 43 zetels) en het feit dat de KVP eenderde van alle zetels behaalde, waren de belangrijkste ontwikkelingen bij deze verkiezingen. |
| Kabinetten |
||
| Kabinetscrises |
||
| Tweede-Kamerverkiezingen |
||