Een kiezer die op de dag van de verkiezingen niet in het op de oproepingskaart genoemde stembureau kan of wil stemmen kan een verzoek indienen in een ander stembureau zijn stem uit te brengen. Gemeenten die meedoen met het experiment 'stemmen in een willekeurig stembureau' versturen geen oproepingskaart maar een stempas. Met zo'n stempas kan weliswaar wel in ieder stembureau binnen de gemeente worden gestemd, maar niet in een stembureau buiten de gemeente.
In een ander stembureau (buiten de gemeente) stemmen kan alleen maar als in dat andere stembureau voor hetzelfde vertegenwoordigend orgaan wordt gestemd. Het is voor een Amsterdammer bijvoorbeeld wel mogelijk in Groningen voor de Tweede-Kamerverkiezingen te stemmen, maar niet voor de gemeenteraad. Het stemmen in een ander stembureau moet worden aangevraagd bij het gemeentehuis waar de kiezer staat ingeschreven.
De aanvraag kan op twee manieren worden gedaan:
-
tot veertien dagen voor de stemming schriftelijk waarvoor standaardformulieren kosteloos op het gemeentehuis verkrijgbaar zijn
-
tot vijf dagen voor de stemming mondeling als de kiezer de oproepingskaart of stempas reeds in het bezit heeft.
Een schriftelijk verzoek moet bij de burgemeester worden gedaan. Heeft de kiezer al een oproepingskaart of stempas in bezit, dan moet deze bij het verzoek worden gevoegd, of als het verzoek mondeling wordt gedaan, ingeleverd. De kiezer doet een mondeling verzoek in persoon op het gemeentehuis. Het verzoek wordt afgewezen als de kiezer op de dag van de kandidaatstelling niet stond ingeschreven in het kiezersregister of als de kiezer al is toegestaan per volmacht of per brief te stemmen.
De kiezer krijgt dan een kiezerspas waarmee hij aan de verkiezingen kan deelnemen in een stembureau naar keuze. Raakt de kiezerspas weg, dan wordt geen nieuwe verstrekt.