Bij de Tweede Kamerverkiezingen van 1952 behaalde de PvdA van premier Drees een goed resultaat. Dankzij winst van drie zetels kwam zij gelijk met de KVP (die twee zetels verloor) en qua stemmenaantal streefde zij de KVP zelfs voorbij.
De VVD won één zetel en oppositiepartij ARP verloor één zetel. De CPN zag haar aanhang verder teruglopen en kwam van acht op zes zetels. De Katholiek Nationale Partij van Welter won eveneens een zetel.
De kabinetsformatie waarbij onder andere de bezetting van de post van Buitenlandse Zaken een knelpunt was (uiteindelijk kwamen er twee ministers van Buitenlandse Zaken), leidde tot het derde kabinet-Drees. In deze combinatie was de VVD vervangen door de ARP.
Tot de nieuwkomers behoorden de KVP'ers Karel van Rijckevorsel, die de voornaamste justitie-woordvoerder van zijn fractie werd, en Pieter Blaisse, woordvoerder economische zaken.
Bij de PvdA behoorde Jan Berger tot de nieuwelingen. Hij zou een belangrijke rol spelen bij debatten over de sociale zekerheid en werd later burgemeester van Groningen en fractievoorzitter van DS'70. Ook Theo van Lier was deskundig op het gebied van sociale zaken en zou als secretaris tot de leiding van de PvdA-fractie gaan behoren.