| - | |
advocaat te 's-Gravenhage, van juli 1793 tot 15 april 1795 |
| - | |
secretaris provisionele raad van 's-Gravenhage, 1795 |
| - | |
secretaris stedelijke raad van 's-Gravenhage, van 2 april 1795 tot 14 april 1795 |
| - | |
adjunct advocaat-fiscaal en procureur-generaal Hof van Holland, van 13 april 1795 tot 11 december 1807 |
| - | |
lid Staatsraad in buitengewone dienst, van augustus 1807 tot 11 december 1807 |
| - | |
minister van Justitie en Politie, van 10 december 1807 tot 11 april 1809 |
| - | |
lid Raad voor de Zaken van Holland te Parijs, van 22 juli 1810 tot 29 oktober 1810 |
| - | |
lid Staatsraad te Parijs, 1810 |
| - | |
president Keizerlijk Hof te 's-Gravenhage, van 30 oktober 1810 tot 1 december 1813 |
| - | |
president Hooggerechtshof te 's-Gravenhage, van 1 december 1813 tot september 1815 |
| - | |
lid Grondwetscommissie, van 21 december 1813 tot 2 maart 1814 |
| - | |
lid Grondwetscommissie, van 22 april 1815 tot 13 juli 1815 |
| - | |
minister van Justitie, van 16 september 1815 tot 3 september 1830 |
| - | |
minister van Justitie, van 5 oktober 1830 tot 1 april 1842 |
| - | |
Bracht in 1809 het Burgerlijk Wetboek, dat gebaseerd was op de Franse Code Civil, en een Crimineel Wetboek tot stand |
| - | |
Verdedigde in de jaren 1819-1826 met succes de delen van de Nederlands Burgerlijk Wetboek, die de Franse Code Civel vervingen |
| - | |
Verdedigde in 1829 met succes de ontwerp-Wet houdende Algemeene Bepalingen der Wetgeving van het Koninkrijk |
| - | |
Verdedigde in 1830 met succes het ontwerp voor een Wetboek van Strafvordering |
| - | |
Verdedigde in 1835 met succes de ontwerp-Wet op de zamenstelling der regterlijke magt en het beleid der justitie. Het ontwerp hiervoor was in 1827 ingediend. |
| - | |
Voerde per 1 oktober 1838 het Burgerlijk Wetboek, het Wetboek van Strafvordering en de nieuwe rechterlijke organisatie in |
| - | |
Voorstander van het moderne Franse bewind met aan het hoofd een soeverein vorst |
| - | |
Trad in 1809 af als minister van Justitie en Politie, omdat hij weigerde mee te werken aan de vorming van een geheime politie |
| - | |
Verdedigde op 29 maart 1814 in de Grote Vergadering van Notabelen namens de Grondwetscommissie de ontwerp-Constitutie |
| - | |
In juni 1820 verwierp de Tweede Kamer het door hem verdedigde wetsvoorstel over de rechterlijke organisatie |
| - | |
Maakte in 1823 met Goubau en Van Nagell van Ampsen deel uit van de delegatie die onderhandelde over een concordaat met de Paus |
| - | |
Verdedigde in 1827/1828 zonder succes het ontwerp-Wetboek van Strafrecht. De Code Penal zou daardoor uiteindelijk tot 1886 in werking blijven. |
| - | |
Op 3 september 1830 kreeg hij eervol ontslag op verzoek, nadat hem eerder te verstaan was gegeven dat zijn terugtreden mogelijk gunstige invloed zou hebben op de stemming in de Zuidelijke Nederlanden. Hij werd per 6 september tot minister van Staat benoemd en per 1 oktober zou zijn presidentschap van het Hooggerechtshof herleven. Vanwege de loop der gebeurtenissen kon hij echter begin oktober 1830 terugkeren als minister van Justitie. |
| - | |
Was begin 1838 Verstolk van Zoelen, H. van Zuylen van Nijevelt en Falck deelnemer aan een conferentie met de koning waarin het principebesluit werd genomen om de volhardingspolitiek jegens België op te geven |
| - | |
Weerhield de koning in 1839 van een voorgenomen huwelijk met de katholieke hofdame Henriette d'Oultremont de Wégimont |
| - | |
Was in 1840 nauw betrokken bij de abdicatie van de koning. Stelde de bijbehorende proclamatie op. |
| - | |
Nam in 1842 ontslag na de ongunstige ontvangst in de Tweede Kamer van de ontwerp-Conflictenwet (over administratieve geschillen). Ook zijn afgenomen gezag als minister speelde daarbij een rol. |
| - | |
M.E. Kluit, "Cornelis Felix van Maanen. Tot herstel der onafhankelijkheid 9 september 1769-6 december 1813" (Groningen/Djakarta, 1953) |
| - | |
Levensbericht door M. Siegenbeek, in: Levensberichten van leden van de Maatschappij der Nederlandsche Letterkunde, 1846, 30 |
| - | |
J.J.F. Wap, "Mr. Cornelis Felix van Maanen en Mr. Willem Bilderdijk: eene historische bijdrage", 's-Gravenhage, 1840 |
| - | |
Nieuw Nederlandsch Biografisch Woordenboek, deel III, 803 |
| - | |
A.J. van der Aa, Biographisch Woordenboek der Nederlanden, deel V |
| - | |
Ned. Patriciaat, 1910 |