| - | |
Beantwoordde in 1830 de vraag of tot scheiding van Noord en Zuid moest worden overgegaan met "ja" |
| - | |
Behoorde in 1831 tot de 20 leden die tegen een wetsvoorstel stemden over een vrijwillige en verplichte geldlening |
| - | |
Behoorde in 1833 tot de 16 leden die tegen de begroting 1834/1835 stemden. Stemde tevens tegen de ontwerp-Wet op de middelen. |
| - | |
Behoorde in 1835 tot de 15 leden die tegen de begroting 1836/1837 stemden. Stemde wel vóór de ontwerp-Wet op de middelen. |
| - | |
Behoorde in 1837 tot de 21 leden die tegen de begroting 1838/1839 stemden. Stemde wel vóór de ontwerp-Wet op de middelen. |
| - | |
Behoorde in 1839 tot de 14 leden die tegen de voorlopige begroting 1840 stemden |
| - | |
Stemde in 1840 tegen het voorstel inzake het bij wet regelen van het stemrecht, tegen de periodieke aftreding van stedelijke raden en tegen de invoering van de strafrechtelijke ministeriële verantwoordelijkheid |
| - | |
Behoorde in 1844 tot de 25 leden die tegen de ontwerp-wet inzake de (vrijwillige) geldlening en buitengewone belasting op bezittingen stemden. Het voorstel werd met 32 tegen 25 stemmen aangenomen. |
| - | |
Behoorde in 1844 tot de 15 leden die tegen een aanvulling van de instructie aan de Algemene Rekenkamer stemden, omdat die tot onvoldoende verbetering van het toezicht zou leiden |
| - | |
Behoorde in 1844 tot de meerderheid die tegen een wetsvoorstel stemde over het doen van huiszoekingen in het kader van de accijns op vlees. Het wetsvoorstel werd met 27 tegen 26 stemmen verworpen. |
| - | |
Behoorde in 1845 tot de meerderheid die tegen het wetsvoorstel inzake onteigening ten algemene nutte stemde. Het wetsvoorstel werd met 31 tegen 20 stemmen verworpen. |
| - | |
Stemde in 1848 tegen de hoofdstukken I, III (inzake de Staten-Generaal), IV, VI, XI, alsmede de additionele artikelen van de nieuwe Grondwet |
| - | |
Zoon van A.W.C. baron van Nagell van Ampsen, lid Notablenvergadering, minister en minister van staat |
| - | |
Vader van J.E.H. baron van Nagell van Ampsen, Eerste-Kamerlid |
| - | |
Schoonzoon van J.Sj.G.J. van Burmania baron Rengers, lid Wetgevend Lichaam, lid Notabelenvergadering en staatsraad |
| - | |
Neef van C.S.W.J. baron van Nagell van Wisch, buitengewoon Tweede-Kamerlid |
| - | |
Grootvader van A.J. baron van Nagell van Ampsen, Eerste-Kamerlid |
| - | |
Aangetrouwde neef (oomzegger) van B.W. van Welderen baron Rengers, buitengewoon lid Staten-Generaal |
| - | |
Zijn zoon Justinus was gehuwd met een dochter van W.A. baron Schimmelpenninck van der Oye, minister, gouverneur en Eerste- en Tweede-Kamerlid |