| - | |
assistent pathalogische anatomie, R.K. ziekenhuis "H. Johannes de Deo" te 's-Gravenhage, van 15 september 1942 tot 1 september 1945 |
| - | |
assistent interne geneeskunde, Binnengasthuis te Amsterdam, van 1 september 1945 tot 1 november 1947 |
| - | |
hoofd interne afdeling, Marinehospitaal te Soerabaja en internist veldhospitaal der mariniersbrigade te Djatiroto (Ned.-Indië), van 1 november 1947 tot 1 juni 1950 |
| - | |
internist Binnengasthuis te Amsterdam, van 1 juni 1950 tot 1 oktober 1950 |
| - | |
hoofd afdeling inwendige ziekten, R.K. ziekenhuis "H. Johannes de Deo" te 's-Gravenhage, van 1 januari 1951 tot juli 1971 |
| - | |
minister van Volksgezondheid en Milieuhygiëne, van 6 juli 1971 tot 11 mei 1973 |
| - | |
lid Raad van State in buitengewone dienst, van 2 juni 1980 tot 1 juli 1984 |
| - | |
lid Gezondheidsraad, van 1962 tot 1971 |
| - | |
lid commissie-Verdam voor het medisch hoger onderwijs |
| - | |
lid College van Curatoren Katholieke Universiteit Nijmegen, omstreeks 1966 tot juli 1971 |
| - | |
lid bijzondere adviesgroep knelpunten bij de medische opleiding (commissie-Verdam), vanaf november 1968 |
| - | |
lid College ter beoordeling van verpakte geneesmiddelen, omstreeks 1970 |
| - | |
lid Scheidsgerecht van het Wetenschappelijke ziekenhuiswezen |
| - | |
penningmeester European Association of Internal Medicine |
| - | |
vicevoorzitter concilium Nederlandse Internisten Vereniging |
| - | |
lid bestuur/voorzitter Nederlandse Internisten vereniging |
| - | |
lid Concilium Nederlandse Internisten Vereniging |
| - | |
lid bestuur Europese Internisten Vereniging |
| - | |
lid Gezondheidsraad, van 1974 tot 1 mei 1983 |
| - | |
voorzitter Centrale organisatie voor toegepast natuurwetenschappelijk onderzoek (TNO), omstreeks 1977 |
| - | |
voorzitter Gezondheidsraad, van 1 mei 1983 tot 1 december 1985 |
| - | |
voorzitter bestuursraad Stichting Samenwerkende Kennemer Ziekenhuizen, omstreeks 1984 |
| - | |
voorzitter bestuur Instituut voor Gezondheidsethiek, omstreeks 1986 |
| - | |
lid Raad van Bestuur Nederlandse Organisatie voor Zuiver-Wetenschappelijk Onderzoek |
| - | |
medisch adviseur hoofdbestuur Nederlandse Rode Kruis |
| - | |
voorzitter bestuur Stichting Medische Laboratoria te Breda, omstreeks 1987 |
| - | |
lid Academische Raad |
| - | |
lid wetenschappelijk comité NAVO (Noord-Atlantische Verdragsorganisatie) |
| - | |
adviseur bij onderzoek naar verbetering van de positie van toponcologie, 1993 |
| - | |
Bracht in 1972 de Urgentienota milieuhygiëne uit. In het eerste deel hiervan wordt een schets gegeven van de milieuproblematiek in het algemeen. Tevens wordt ingegaan op relaties met de sociaal-economische ontwikkeling, de ruimtelijke ordening en het natuur- en landschapsonderhoud. Gepleit wordt voor betere afstemming van de diverse beleidsonderwerpen. In het tweede deel van de nota is een urgentieprogramma opgenomen. Speerpunten zijn daarbij wetgeving over geluidshinder, afvalstoffen en bodemverontreiniging. Tevens wordt de instelling van een Centrale Raad voor de Milieuhygiëne aangekondigd. Verder komt er een interdepartementale Coördinatiecommissie. |
| - | |
Vaardigde in 1972 een hasj-beschikking uit, waardoor hars van hennepplanten onder de Opiumwet komt te vallen |
| - | |
Was in 1972 verantwoordelijk voor het besluit om de anticonceptiepil in het Ziekenfonds onder te brengen |
| - | |
Diende op 23 juni 1972 samen met minister Van Agt een wetsvoorstel inzake abortus provocatus in. Dat voorstel handhaaft de strafbaarstelling van afbreking van zwangerschap, tenzij deze op medische gronden plaatsvindt. Onder medische gronden wordt verstaan: bedreiging van het lichamelijk of geestelijk welzijn van de vrouw, die zwaarder wegen dan het belang van de ongeboren vrucht, mede gelet op de duur van de zwangerschap. Om tot afbreking over te kunnen gaan, is overleg met huisarts en deskundigen verplicht. Het wetsvoorstel werd door het opvolgende kabinet ingetrokken. |