Dr. A. Pais

Foto Dr. A. Pais
Econoom en VVD-politicus, die in 1977 de eerste naoorlogse liberale minister van Onderwijs was. Volgde in dat jaar de sociaaldemocraat Van Kemenade op en wijzigde diens plannen met betrekking tot de herstructurering van het wetenschappelijk onderwijs en de Middenschool. Bracht in 1981 de Wet tweefasenstructuur wetenschappelijk onderwijs en de Wet op het basisonderwijs tot stand. Was voor hij minister werd hoogleraar en gemeenteraadslid in Amsterdam. Na zijn ministerschap een klein jaar Eerste Kamerlid en vervolgens vicepresident van de Europese Investeringsbank. Vegetariër en actief in de dierenbescherming. Rekenwonder, die bekendstond als een tamelijk gesloten einzelgänger, zeer intelligent en doelgericht, maar ook gevoelig en geestig. Echtgenoot van Eegje Schoo.

VVD
in de periode 1977-1982: lid Eerste Kamer, minister
[ V ][ ^^ ]

voornaam (roepnaam)

Aäron (Arie)
[ V ][ ^^ ]

personalia

geboorteplaats en -datum
's-Gravenhage, 16 april 1930

levensbeschouwing
Portugees Israëlitisch
[ V ][ ^^ ]

partij/stroming

partij(en)
-   PvdA (Partij van de Arbeid), van 1948 tot 1961
-   VVD (Volkspartij voor Vrijheid en Democratie), vanaf 1962
[ V ][ ^^ ]

loopbaan

-   medewerker Rijkspostspaarbank
-   hoofd economische en statistische zaken, Staatsbedrijf der PTT (en uit dien hoofde persoonlijk adviseur van de directeur-generaal der PTT)
-   lector staathuishoudkunde, Universiteit van Amsterdam, van 1 september 1967 tot 1 april 1974
-   lid gemeenteraad van Amsterdam, van 16 augustus 1967 tot februari 1972
-   lid Provinciale Staten van Noord-Holland, van 7 juli 1970 tot 2 juli 1974
-   hoogleraar staatshuishoudkunde, Universiteit van Amsterdam, van 1 april 1974 tot 19 december 1977
-   lid Eerste Kamer der Staten-Generaal, van 20 september 1977 tot 19 december 1977
-   minister van Onderwijs en Wetenschappen, van 19 december 1977 tot 11 september 1981
-   lid Eerste Kamer der Staten-Generaal, van 25 augustus 1981 tot 16 juni 1982
-   vicepresident EIB (Europese Investeringsbank) te Luxemburg, van 1982 tot juni 1988
[ V ][ ^^ ]

partijpolitieke functies

vorige
-   lid afdelingsbestuur PvdA in Amsterdam
-   lid bestuur PvdA gewest Amsterdam
-   lid curatorium Prof.Mr. B.M. Teldersstichting (voor 1977)
-   voorzitter VVD partijcommissie toekomstig financieel beleid, 1976 (bracht de notitie "Gunstiger perspectieven in plaats van sombere prognoses" uit)
[ V ][ ^^ ]

nevenfuncties

huidige
-   voorzitter JPP Japan Prizewinners Program

vorige
-   plaatsvervangend kroonlid SER (Sociaal-Economische Raad), van 1976 tot december 1977
-   lid studiecommissie coördinatie wetenschappelijk onderwijs/hoger economisch en administratief onderwijs (voor 1977)
-   lid hoofdbestuur Nederlandse Vereniging tot Bescherming van Dieren
-   lid commissie demografie van de joden
-   columnist dagblad "De Telegraaf"
-   voorzitter Nederlandse Vegetariërs Bond
-   lid Raad van Commissarissen SEP (Samenwerkende Elektriciteits-Produktiebedrijven) te Arnhem, vanaf 1989
-   voorzitter Stichting Nederlands Literair Produktie- en Vertalingsfonds, vanaf 1 januari 1991
-   voorzitter Berlage Instituut (postacademiaal architectuur researchinstituut)
-   voorzitter Stichting Frankfurter Buchmesse 93 (organisator van een aantal grote Nederlandstalige literaire manifestaties in het buitenland)
-   lid Raad van Commissarissen Tennet

gedelegeerde commissies, presidia etc.
-   voorzitter vaste commissie voor Cultuur en Recreatie (Eerste Kamer der Staten-Generaal), van 5 oktober 1977 tot 19 december 1977
-   plaatsvervangend voorzitter vaste commissie voor Financiën (Eerste Kamer der Staten-Generaal), van 5 oktober 1977 tot 19 december 1977
-   plaatsvervangend voorzitter vaste commissie voor Financiën (Eerste Kamer der Staten-Generaal), van 23 juni 1981 tot 16 juni 1982
[ V ][ ^^ ]

opleiding

voortgezet onderwijs
-   gymnasium-a en b (het eindexamen gymnasium-a en gymnasium-b was op dezelfde dag en toen koos hij voor gymnasium-b)

academische studie
-   economie: sociale economie, Gemeentelijke Universiteit te Amsterdam, van 1948 tot 9 juli 1954 (specialismen: consumentengedrag en de rol van subjectieve variabelen in het gedrag van de consument)

promotie
-   economische wetenschappen, Universiteit van Amsterdam, 5 januari 1973
[ V ][ ^^ ]

activiteiten

als parlementariër
-   Was woordvoerder financiën, wetenschappelijk onderwijs en verkeer en waterstaat van de VVD-Eerste Kamerfractie

als bewindspersoon (beleidsmatig)
-   Bracht in 1978 de Nota Hoger onderwijs voor velen uit, waarin het plan wordt gelanceerd voor invoering van een tweefasenstructuur in het wetenschappelijk onderwijs. Vanwege de toestroom van een toenemend aantal studenten, de beperktheid van financiële middelen en de stagnerende herstructurering van het wetenschappelijk onderwijs worden nieuwe voorstellen gedaan om de bestaande impasse bij de vernieuwing van het wetenschappelijk onderwijs te doorbreken. Doel is een opzet van het wetenschappelijk onderwijs waarmee zowel tegemoet wordt gekomen aan de maatschappelijke behoefte aan afgestudeerden als aan hoogwaardig wetenschappelijk onderzoek. Tevens moet daarbij tegemoet worden gekomen aan de gedifferentieerde behoeften en capaciteiten van de individuele student.
-   Bracht in 1979 samen met staatssecretaris Kraaijeveld-Wouters de nota 'Schets van een beleid voor emancipatie in onderwijs en wetenschappelijk onderzoek" uit, waarin maatregelen werden aangekondigd voor verwezenlijking van gelijke kansen voor vrouwen en mannen in het onderwijs.
-   Bracht in 1979 een notitie open universiteiten in Nederland uit, die in 1981 resulteerde in de wet Stichting Opbouw Open Universiteit
-   Hief in 1980 het onderscheid tussen lector en hoogleraar op
-   Diende in 1981 een ontwerp-Wet medezeggenschap onderwijs in. Deze wet bevat basisbepalingen voor medezeggenschap in het kleuter-, lager en voortgezet onderwijs. Het wetsvoorstel lag bij zijn aftreden bij de Eerste Kamer en werd in december 1981 wet.
-   Diende in 1981 een ontwerp-Wet op het hoger beroepsonderwijs in, waardoor onder meer aan dit type onderwijs een versterkte status zou worden gegeven.
-   Zette zich als minister in voor het beperken van dierproeven in het onderwijs tot de strikt noodzakelijke

als bewindspersoon (wetgeving)
-   Bracht in 1979 samen met staatssecretaris Hermes een wijziging (Stb. 253) van de LO-wet en de WVO tot stand over voorzieningen met betrekking tot het onderwijs in de Friese taal.
-   Bracht in 1980 een wijziging (Stb. 440) van de Wet op het wetenschappelijk onderwijs tot stand, waarbij de vrijstelling van een bepaald aantal jaren van de betaling van collegegeld werd afgeschaft.
-   Bracht in 1981 de Wet twee-fasenstructuur wetenschappelijk onderwijs (Stb. 137) tot stand. Deze wijzigt de nog niet ingevoerde Wet herstructurering wetenschappelijk onderwijs. Net als in de Wet Herstructurering wordt het reguliere studieprogramma in het wetenschappelijk onderwijs vier jaar en wordt de inschrijvingsduur van de student begrenst (echter slechts tot zes jaar). Een tweede, postdoctorale fase is slechts selectief toegankelijk en biedt de mogelijkheid om als a.i.o. (assistent-in-opleiding) wetenschappelijk onderzoek te verrichten. Er komen meer mogelijkheden om in de doctorale fase te variëren in studieprogramma, zodat studie beter aansluit op de behoeften van de arbeidsmarkt. De mogelijkheden voor post-academisch onderwijs worden uitgebreid.
-   Bracht in 1981 wetten (Stb. 342) tot stand inzake de afschaffing van de promesse-regeling, alsmede verhoging van het collegegeld in het wetenschappelijk onderwijs (Stb. 335), tot invoering van collegegeld in het hoger-beroepsonderwijs (Stb. 341) en tot verhoging van het schoolgeld en van schoolgeldvrije voet in het voortgezet onderwijs.
-   Bracht in 1981 samen met staatssecretaris Van der Mei de Wet Goedkeuring van het Verdrag met België inzake de oprichting van de Nederlandse Taalunie (Stb. 453) tot stand.
-   Bracht in 1981 samen met staatssecretaris Hermes de Wet op het basisonderwijs (Stb. 468) tot stand, waardoor kleuter- en lager onderwijs worden samengevoegd. De duur van het basisonderwijs wordt acht jaar (van (ongeveer) het vierde tot en met het twaalfde jaar). De nieuwe wet moet meer mogelijkheden bieden voor individualisering van het onderwijs en voor verbreding van de ontwikkelingsmogelijkheden van kinderen. Het eigendom van bijzondere scholen gaat over van de gemeenten naar de schoolbesturen. Het wetsvoorstel was in 1977 ingediend door minister Van Kemenade.
[ V ][ ^^ ]

wetenswaardigheden

algemeen
-   Leverde in het kabinet regelmatig strijd met minister Andriessen van Financiën over het onderwijsbudget
-   Zijn oud-collega Van Aardenne vermeldde in een boek over Hans Wiegel (J. Hoedeman, "Hans Wiegel en het spel om de macht") dat Pais, hoewel hij mede-auteur zou zijn geweest van de notitie 'Puinruimen en Opbouwen', zich in de ministerraad steeds keerde tegen bezuinigingen op Onderwijs en Wetenschappen. Pais had echter geen aandeel gehad in het rapport 'Puinruimen', maar was medeauteur van een rapport van een werkgroep uit de Telders-stichting over het financiële beleid van de overheid in relatie tot economische groei. Het rapport diende als 'bouwsteen' voor de fractienotitie 'Puinruimen en Opbouwen'.

uit de privésfeer
-   Vegetariër sinds 1944
-   Ondergedoken in de jaren 1942-1945
-   Bewust joods; zijn ouders waren nogal religieus
-   Zijn vader was referendaris later directeur bij de PTT in Eindhoven en adjunct-directeur van het postdistrict Amsterdam

anekdotes
-   Toen tijdens een ministerraadsvergadering minister Andriessen het steeds over de econoom 'Kiens' (Keynes) had, corrigeerde Pais hem met de woorden: het is Keynes ('keens'), dat rijmt op 'brains'.

verkiezingen
-   Werd in 1977 tot Eerste Kamerlid gekozen door Groep II: Gelderland, Overijssel, Groningen en Drenthe
-   Werd in 1981 gekozen door Groep III: Noord-Holland en Friesland

woonplaats
Amsterdam

ridderorden
Ridder in de Orde van de Nederlandse Leeuw, 26 oktober 1981
[ V ][ ^^ ]

publicaties/bronnen

publicaties
-   "Op de pof" (1969)
-   "On the incidence of consumer credit in the Netherlands in the nineteensixties" (dissertatie, 1973)
-   "Prijsverwachtingen en consumentengedrag: een tussentijdse balans" (oratie, 1974)
-   "On the relative strength of sentiments and intentions", in: "Relevance and Precision", 1976
-   artikelen over economische en demografische onderwerpen

literatuur/documentatie
Interview in HP/De Tijd, 23 september 1978
[ V ][ ^^ ]

familie/gezin

huwelijk/samenlevingsvorm
gehuwd

echtgeno(o)t(e)/partner
Drs. E.M. Schoo, Eegje Marjolijn (Eegje)

vader
I. Pais, Izaak

moeder
E. Sanders, Emma

familierelaties
Echtgenoot van Eegje Schoo, minister en Tweede-Kamerlid

De gegevens zijn ontleend aan het biografisch archief van het Parlementair Documentatiecentrum (PDC) van de Universiteit Leiden en betreffen vooral de periode waarin iemand politiek en bestuurlijk actief is of was, met de nadruk op activiteiten in de landelijke politiek.

Aanvullingen en gemotiveerde correcties ontvangt PDC graag. U kunt hiervoor de "reageer-keuze" aan de rechterzijde van deze pagina gebruiken of uw reactie per email sturen aan li135@pdc.nl.


voornaam (roepnaam)
personalia
partij/stroming
loopbaan
partijpolitieke functies
nevenfuncties
opleiding
activiteiten
wetenswaardigheden
publicaties/bronnen
familie/gezin
TXT/Print-versie voor correct en passend afdrukken (verschijnt in een nieuw venster)Reageer op deze pagina. Aanvullingen en suggesties zijn altijd welkom!
homeHome           Route