| - | |
onderzoeksassistent Rijksuniversiteit Groningen, van 1946 tot 1949 |
| - | |
wetenschappelijk assistent Rijksuniversiteit Groningen, van 1951 tot 1956 |
| - | |
keel-, neus- en oorarts te Leeuwarden, van 1956 tot 1960 |
| - | |
geneeskundig inspecteur van de volksgezondheid in Friesland, van 1960 tot 1962 |
| - | |
directeur wetenschappelijk onderzoek en planning, ministerie van Sociale Zaken en Volksgezondheid, van 1962 tot 1964 |
| - | |
directeur Gezondheidsbescherming, ministerie van Sociale Zaken en Volksgezondheid, van 1964 tot 1 juni 1965 |
| - | |
plaatsvervangend directeur-generaal Volksgezondheid, ministerie van Sociale Zaken en Volksgezondheid, van 1964 tot 1965 |
| - | |
directeur-generaal Volksgezondheid, ministerie van Sociale Zaken en Volksgezondheid, van 1 juni 1965 tot 18 april 1967 |
| - | |
staatssecretaris van Sociale Zaken en Volksgezondheid (belast met volksgezondheid), van 18 april 1967 tot 6 juli 1971 |
| - | |
fractievoorzitter CHU Tweede Kamer der Staten-Generaal, van 6 juli 1971 tot 26 juli 1971 |
| - | |
lid Tweede Kamer der Staten-Generaal, van 6 juli 1971 tot 28 juli 1971 |
| - | |
staatssecretaris van Verkeer en Waterstaat (onder meer belast met vervoersaangelegenheden en beheersing lucht- en waterverontreiniging; sinds 1 juni 1972 tevens P.T.T.-zaken), van 28 juli 1971 tot 20 maart 1972 |
| - | |
lid Tweede Kamer der Staten-Generaal, van 20 december 1972 tot 19 december 1977 |
| - | |
fractievoorzitter CHU Tweede Kamer der Staten-Generaal, van 1 juli 1973 tot 25 mei 1977 |
| - | |
minister van Defensie, van 19 december 1977 tot 4 maart 1978 |
| - | |
tijdelijk adviseur WHO (World Health Organization), van 1978 tot 1979 |
| - | |
lid uitvoerende raad en vicepresident WHO (World Health Organization), vanaf 1979 (nog in 1987) |
| - | |
lid Eerste Kamer der Staten-Generaal, van 10 juni 1981 tot 11 juni 1991 |
| - | |
secretaris CHU kiesvereniging Groningen, van 1952 tot 1953 |
| - | |
voorzitter CHU Statenkring Leeuwarden, van 1956 tot 1961 |
| - | |
voorzitter commissie volksgezondheid CHU, van 1960 tot 1965 |
| - | |
politiek leider CHU, van 1 juli 1973 tot 25 mei 1977 |
| - | |
roulerend voorzitter gezamenlijke Tweede-Kamerfractie van ARP, CHU en KVP, van september 1975 tot mei 1977 (met Aantjes en Andriessen) |
| - | |
voorzitter Nederlandse afvaardiging in de Europese Unie van Christen-Democraten |
| - | |
tweede vicefractievoorzitter CDA Tweede Kamer der Staten-Generaal, van 6 juni 1977 tot 19 december 1977 |
| - | |
lid bestuur Nederlandse Vereniging voor Gerontologie |
| - | |
voorzitter Nederlandse Vereniging voor Gerontologie, van 1971 tot 1975 |
| - | |
voorzitter Centrale Raad Kinderuitzending |
| - | |
lid Rijksplanologische Commissie, tot 1967 |
| - | |
voorzitter raad van toezicht STERLAB (Stichting Erkenning Laboratorium) |
| - | |
voorzitter projectorganisatie academische ziekenhuizen, van 1 november 1982 en nog in februari 1987 |
| - | |
adviseur FAO (Food and Agriculture Organization) |
| - | |
adviseur UNEP (Milieuorganisatie Van de VN) |
| - | |
voorzitter Governing Council International Agency for Research on Cancer, 1979 |
| - | |
consul-generaal republiek Slovenië, van 1990 tot 2000 |
| - | |
Behoorde in 1981 tot de minderheid van zijn fractie die vóór twee wetsvoorstellen tot accijnsverhoging in het kader van het belastingplan 1982 stemde |
| - | |
Behoorde in december 1981 tot de minderheid van zijn fractie die tegen een wetsvoorstel over verlenging van de beperkte loonmaatregel stemde |
| - | |
Behoorde in 1982 tot de minderheid van zijn fractie die tegen een wetsvoorstel tot verhoging van de inkomstenbelasting en loonbelasting in het kader van het werkgelegenheidsbeleid stemde |
| - | |
Behoorde in 1982 tot de minderheid van zijn fractie die tegen het wijzigen van de zittingsduur van de Eerste Kamer stemde |
| - | |
Behoorde in 1984 tot de minderheid van zijn fractie tegen het wetsvoorstel Behoud van cultuurbezit stemde |
| - | |
Behoorde in 1984 tot de minderheid van zijn fractie die tegen het initiatiefvoorstel-Nypels inzake woningsplitsing stemde |
| - | |
Behoorde in 1986 tot de minderheid van zijn fractie die tegen het wetsvoorstel inzake afschaffing van de negatieve aanslag in het kader van de Wet Investeringsrekening stemde |
| - | |
Stemde in 1986 als enige van zijn fractie tegen het wetsvoorstel tot opheffing van het openbaar lichaam Rijnmond |
| - | |
Bracht in 1969 de Wet hygiëne en veiligheid zweminrichtingen (Stb. 315) tot stand. De exploitant van een openbare zweminrichting moet zorgdragen voor hygiënische en veilige omstandigheden voor het publiek. De wet trad niet (geheel) in werking en zou in 1982 worden vervangen door de Wet hygiëne en veiligheid zwemgelegenheden. Het wetsvoorstel was in 1966 ingediend door staatssecretaris Bartels. |
| - | |
Bracht in 1969 samen met minister Klompé de Wet hygiëne kampeerplaatsen (Stb. 446) tot stand. Het exploiteren van een zwembad of kampeerplaats is alleen toegestaan als voorschriften ten aanzien van de hygiëne en veiligheid in acht worden genomen. Het wetsvoorstel was in 1966 ingediend door minister Vrolijk en staatssecretaris Bartels. |
| - | |
Bracht in 1969 samen met minister Bakker de Wet verontreiniging oppervlaktewateren (Stb. 536) tot stand die voor elk oppervlaktewater een beheerder aanstelt, zonder wiens vergunning geen verontreinigende stoffen mogen worden geloosd; uitgangspunt van de wet is: de vervuiler betaalt, en daartoe werden zuiveringsheffingen ingevoerd. Het wetsvoorstel was in 1964 ingediend door minister Van Aartsen en staatssecretaris Bartels. |
| - | |
Bracht in 1970 samen met minister Bakker de Wet inzake de Luchtverontreiniging (Stb. 580) tot stand, die de mogelijkheid biedt om voorschriften te geven voor onder andere typen automotoren en verwarmingsinstallaties, en waarmee saneringsgebieden kunnen worden aangewezen waarin industrieën aan vergunningen worden gebonden. |
| - | |
Bracht in 1970 de Wet op de medische hulpmiddelen (Stb. 53) tot stand, waardoor de handel in, en het bezit van medische instrumenten en hulpmiddelen (die nader worden aangewezen bij AMvB) wordt gereguleerd. Op basis van deze wet kwam het condoombesluit tot stand. Het wetsvoorstel was in 1966 ingediend door staatssecretaris Bartels. |
| - | |
Bracht in 1970 samen met staatssecretaris Van Son een wijziging (Stb. 308) van de Drank- en Horecawet tot stand over een voorschrift inzake de verkoop van middelen ter voorkoming van zwangerschap. |
| - | |
Bracht in 1971 de Wet ziekenhuisvoorzieningen (Stb. 268) tot stand, die de grondslag moet vormen van de structuur van de gehele geneeskundige (intramurale) gezondheidszorg. De wet regelt de planning van bouw van ziekenhuizen, verpleeghuizen en andere inrichtingen voor de gezondheidszorg. De uitvoering van de wet geschiedt door de provincies; de minister brengt daartoe richtlijnen uit. Er komt een College voor de ziekenhuisvoorzieningen dat als adviesorgaan optreedt. |
| - | |
Bracht in 1971 met minister Polak een wijziging (Stb. 361) van de Wet op de geneesmiddelenvoorziening tot stand, waarbij het gebruik van pepmiddelen ('speed') en amfetaminen strafbaar wordt gesteld |
| - | |
Bracht in 1971 de Wet Ambulancevervoer (Stb. 369) tot stand. Deze wet moet een doelmatig ambulancevervoer van zieken en ongevalslachtoffers bevorderen. Voor het verrichten van ambulancevervoer is een vergunning nodig. De organisatie van het vervoer komt grotendeels in handen van de provincies. |
| - | |
Bracht in 1972 als staatssecretaris van Verkeer en Waterstaat samen met ministers Biesheuvel en Van Agt de Rijkswet vaarplicht en de Rijkswet noodvoorzieningen scheepvaart stand |
| - | |
Bracht in 1973 een wet (Stb. 96) tot goedkeuring van de overeenkomst inzake de Internationale Organisatie voor telecommunicatiesatellieten (INTELSAT) tot stand. |