| - | |
adviseur juridische en sociale zaken "H. van Puijenbroeks Textielfabrieken N.V." te Goirle, van december 1920 tot juni 1921 |
| - | |
directeur "H. van Puijenbroeks Textielfabrieken N.V.", te Goirle, van juni 1921 tot 25 juni 1934 |
| - | |
minister van Economische Zaken, van 25 juni 1934 tot 6 juni 1935 |
| - | |
ambteloos, van 6 juni 1935 tot 8 augustus 1937 |
| - | |
lid Tweede Kamer der Staten-Generaal, van 8 juni 1937 tot 24 juni 1937 |
| - | |
minister van Handel, Nijverheid en Scheepvaart, van 24 juni 1937 tot 9 juli 1937 |
| - | |
minister van Landbouw en Visserij ad interim, van 24 juni 1937 tot 15 juli 1937 (departement samengevoegd met H.N. en S.) |
| - | |
minister van Economische Zaken, van 9 juli 1937 tot 25 juli 1939 |
| - | |
minister van Economische Zaken, van 10 augustus 1939 tot 9 mei 1940 |
| - | |
minister van Handel, Nijverheid en Scheepvaart, van 9 mei 1940 tot 17 november 1941 |
| - | |
minister van Financiën ad interim, van 27 juli 1941 tot 17 november 1941 (na reorganisatie van het kabinet) |
| - | |
voorzitter Nederlandse economische, financiële en scheepvaartmissie te Washington en New York, van 1942 tot 1946 |
| - | |
lid bestuur ARKWV (Algemeene Roomsch-Katholieke Werkgeversvereeniging), bisdom 's-Hertogenbosch |
| - | |
lid Raad van Commissarissen N.V. handel- en industrie maatschappij "Ceteco" |
| - | |
lid Raad van Commissarissen Friesch-Groningsche Hypotheekbank |
| - | |
lid Werkloosheidsraad, van 1922 tot 1931 |
| - | |
lid Nijverheidsraad, van 1924 tot 1934 |
| - | |
lid Tariefcommissie |
| - | |
lid Commissie van Bijstand op de Arbeidsbemiddeling |
| - | |
lid Regeeringscommissie inzake Propaganda Nederlandsch Fabrikaat, tot mei 1933 |
| - | |
lid algemeen bestuur ARKWV (Algemene Roomsch-Katholiek Werkgeversvereeniging), van 1925 tot december 1930 |
| - | |
lid Centrale Commissie voor de Statistiek, van 1926 tot 1934 |
| - | |
lid Nederlandse delegatie naar de Internationale Economische Conferentie te Genève, mei 1927 |
| - | |
lid Hoge Raad van Arbeid, van 1929 tot juni 1934 (namens de Algemeene R.K. Werkgeversvereniging) |
| - | |
voorzitter ARKWV (Algemene Roomsch-Katholiek Werkgeversvereeniging), van december 1930 tot juni 1934 |
| - | |
voorzitter RKWV (Roomsch-Katholiek Verbond van Werkgeversvakvereenigingen), van december 1930 tot juni 1934 |
| - | |
voorzitter Nederlandsche R.K. Vereeniging van Werkgevers in de Textielnijverheid, van januari 1932 tot juni 1934 |
| - | |
lid commissie van advies nopens bevordering van de economische samenwerking tussen Nederland en Nederlandsch-Indië, vanaf september 1932 |
| - | |
voorzitter Katoencommissie, omstreeks 1934 |
| - | |
ondervoorzitter Centraal Instituut tot bevordering van het normale handelsverkeer tusschen Nederland en andere landen, omstreeks 1934 |
| - | |
lid bestuur Nederlandsch-Zuid-Amerikaansch Instituut, omstreeks 1934 |
| - | |
lid bestuur Nederlandsche Organisatie van de Internationale Kamers van Koophandel, omstreeks 1934 |
| - | |
lid bestuur Vereeniging voor Actieve Handelspolitiek, omstreeks 1934 |
| - | |
gedelegeerd commissaris "H. van Puijenbroeks Textielfabrieken N.V." te Goirle, van 1935 tot augustus 1937 |
| - | |
informateur, van 18 februari 1951 tot 24 februari 1951 |
| - | |
voorzitter commissie inzake exportbevordering, 1951 |
| - | |
vooezitter-lid College van Curatoren Katholieke Economische Hogeschool te Tilburg, van 1953 tot 1960 |
| - | |
voorzitter Raad van Commissarissen bierbrouwerij "De Drie Hoefijzers" te Breda, tot 1960 |
| - | |
voorzitter Amsterdamse Ballast Maatschappij, tot 1965 |
| - | |
lid Raad van Commissarissen Mijbeb, tot 1965 (c&a) |
| - | |
lid Raad van Commissarissen Nationale Levensverzekeringsbank, omstreeks 1967 |
| - | |
lid Raad van Commissarissen Koninklijke Rotterdamse Lloyd, omstreeks 1967 |
| - | |
lid Raad van Commissarissen N.V. Koninklijke Nederlandse Petroleummaatschappij, omstreeks 1967 |
| - | |
lid Raad van Commissarissen Amsterdam-Rotterdam Bank (Amro-bank), omstreeks 1967 |
| - | |
lid Raad van Commissarissen algemene verzekeringsmaatschappij Diligentia, omstreeks 1967 |
| - | |
tweede voorzitter Raad van Commissarissen De Nederlandsche Bank N.V. tot 1967 |
| - | |
vicevoorzitter Nederlandse Kaiser-Frazer fabrieken, omstreeks 1967 |
| - | |
lid Raad van Commissarissen Curaçaose Handelsmaatschappij, omstreeks 1967 |
| - | |
lid Raad van Commissarissen Centrale Suiker Maatschappij, omstreeks 1967 |
| - | |
lid Raad van Commissarissen Nederlandse Scheepvaartunie, omstreeks 1967 |
| - | |
lid Raad van Commissarissen Cindu (Chemische Industrie Uithoorn), omstreeks 1967 |
| - | |
lid Raad van Commissarissen Koninklijke Nederlandse Hoogovens en Staalfabrieken te IJmuiden, omstreeks 1967 |
| - | |
lid Raad van Commissarissen verzekeringsmaatschappij "Nationale-Nederlanden", omstreeks 1967 |
| - | |
lid Raad van Commissarissen Koninklijke Verenigde tapijtfabrieken |
| - | |
voorzitter Raad van Commissarissen Koninklijke Verenigde tapijtfabrieken N.V. te Moordrecht |
| - | |
voorzitter Raad van Commmissarissen Wessanen's Koninklijke fabrieken N.V. te Wormerveer |
| - | |
Bracht in 1937 de Bloembollenziektewet tot stand, die regels bevatte ter voorkoming en bestrijding van ziekten in bloembolgewassen. Voor iedere bloembollensoort werd een Ziekten-commissie ingesteld, die voorstellen kon doen over maatregelen tegen ziekten, zoals het vernietigen van gewassen of het omspitten van gronden. |
| - | |
Bracht in 1938 de Bedrijfsvergunningenwet tot stand. De wet beperkte de vestiging en uitbreiding van bedrijven in bepaalde bedrijfstakken om zo wildgroei aan vestiging van bedrijfjes tegen te kunnen gaan. |
| - | |
Bracht in 1938 de Zee- en luchtvaartverzekeringswet tot stand. Deze biedt de mogelijkheid tot molestverzekering door de staat aan zeeschepen en vliegtuigen. Door een wijzigingswet werd in 1939 ook de internationale binnenvaart onder de werking van de wet gebracht. |
| - | |
Bracht in 1938 een nieuwe Landbouwuitvoerwet tot stand. Deze vervangt de wet uit 1929 en is eenvoudiger opzet. De uitvoering van de wet wordt via AMvB's geregeld. |
| - | |
Bracht in 1939 de Paardenwet tot stand, die regels bevat over de paardenfokkerij. Hengsten moeten door een Stamboekvereniging worden gekeurd als ze voor dekking worden aangeboden. |
| - | |
Bracht in 1939 de Wet op de ondernemersovereenkomsten tot stand, waardoor de regering de bevoegdheid krijgt onderlinge overeenkomsten over mededinging voor alle bedrijven in een sector verbindend te verklaren; de regering kan ook regelingen onverbindend verklaren |
| - | |
Bracht in 1939 samen met minister Van Boeijen de Distributiewet tot stand, die de regering de mogelijkheid bood om in buitengewone omstandigheden distributie van goederen in te voeren. In geval tot distributie wordt overgegaan, wordt een distributiedienst in het leven geroepen. |
| - | |
Bracht in 1939 de Wet inzake een tienjaarlijkse bedrijfstelling tot stand. Tegelijk met de volkstelling moest een bedrijfstelling worden gehouden. Het werd van groot belang geacht de veranderingen die in de structuur van het bedrijfsleven optraden periodiek na te gaan en in cijfers vast te leggen. Dit werd zowel wenselijk geacht uit wetenschappelijk oogpunt en vanwege op sociaal-economisch gebied te nemen maatregelen. |